4 minuten lezen

HPLC en massaspectrometrie.

De twee metingen die samen bepalen of een stof is wat hij zegt te zijn, en hoe zuiver hij is.

Twee analyses komen op vrijwel elk peptiderapport terug. Ze meten verschillende dingen en vullen elkaar aan.

HPLC meet hoe zuiver

High performance liquid chromatography stuurt de opgeloste stof onder hoge druk door een kolom met een vulling die componenten verschillend afremt. Kleine of minder gebonden moleculen komen er eerder uit dan grote of sterker gebonden moleculen.

Aan het eind meet een detector wat er passeert. Dat levert een grafiek met pieken op. De verhouding tussen het oppervlak van de hoofdpiek en het totaal is het zuiverheidspercentage.

De beperking: de detector ziet alleen wat hij kan zien. Zouten, oplosmiddelresten en vocht komen niet altijd in beeld en tellen dus niet mee in het percentage.

Massaspectrometrie meet wat het is

Massaspectrometrie ioniseert de moleculen en meet hun massa gedeeld door hun lading. De uitkomst wordt vergeleken met de theoretische massa die uit de aminozuurvolgorde volgt.

Klopt de gemeten massa, dan is de identiteit bevestigd. Wijkt hij af, dan zit er iets anders in de vial dan op het etiket staat, hoe hoog het HPLC-percentage ook is.

Waarom je beide nodig hebt

Een stof kan 99 procent zuiver zijn en toch de verkeerde stof. HPLC alleen sluit dat niet uit. Andersom kan de identiteit kloppen terwijl de partij vol verwante ketens zit. Pas samen geven de twee metingen een compleet beeld.

En zware metalen

Dat is een derde, losse meting, meestal met ICP-MS. Die kijkt naar sporen van metalen die uit apparatuur of grondstoffen kunnen komen. Wij laten die standaard uitvoeren.

Lees verder: een coa lezen.

Producten uit dit artikel